Starters zoeken lang op ‘ongunstige’ woningmarkt en passen hun wensen vaak aan

De Nederlandse woningmarkt is krap en staat onder spanning. De media berichten er vrijwel dagelijks over, en onlangs waren er landelijke woonprotesten. Het is in de huidige situatie voor iedereen moeilijk om een passend huur- of koophuis te vinden, maar starters hebben het nóg lastiger dan anderen. Een grote meerderheid van hen noemt de markt dan ook ‘ongunstig’, slechts een derde geeft zichzelf een kans van slagen en meer dan de helft woont nu niet naar tevredenheid. Ook past een groot deel de woonwens aan, zoekt één op de twee langer dan een jaar en wonen veel starters langer thuis dan gewenst. Ruim zes op de tien starters stellen tijdens hun zoektocht bovendien hun budget naar boven bij.

Dat blijkt uit de resultaten van de eerste startersmonitor die nu hier realtime beschikbaar zijn. De startersmonitor is opgezet door een samenwerking van overheid en marktpartijen. Ze willen met deze voortaan jaarlijks te houden peiling inzicht krijgen in wie de starters zijn, welke woonwensen ze hebben, welke obstakels zij bij hun zoektocht naar passende woonruimte tegenkomen en hoe zij zelf hun situatie zien. Ruim 6.300 respondenten die hun eerste stap op de woningmarkt willen zetten, vulden daarom afgelopen zomer een lijst in met vragen en stellingen over hun huidige woonsituatie, de door hun gewenste woning, hun kansen op die passende huur- of koopwoning en de problemen die ze ondervinden.

Starters schatten eigen kans op woning laag in



Zo’n acht op de tien starters (78%) ervaren de woningmarkt als ongunstig, zo blijkt uit de monitor. Op de stelling dat het nu een goed moment is om een huis te vinden, zegt slechts 11% ‘(heel erg) eens’, zowel bij kopers als huurders. Degenen die een koophuis zoeken, antwoorden wel iets vaker ‘(heel) erg oneens’ dan starters die op zoek zijn naar een huurwoning: 81% tegen 75%. Starters schatten hun kans op het vinden van hun eerste eigen woning met gemiddeld 35% dan ook laag in. Er zijn wel flinke regionale verschillen. In de provincies Utrecht en Groningen denkt 27% kans op slagen te hebben, in Limburg is dat 42% en in Flevoland 43%.

Op de vraag in de monitor of ze tevreden zijn met hun huidige woonsituatie, antwoordt iets meer dan de helft van respondenten (54%) met ‘(helemaal) niet mee eens’, terwijl gemiddeld 26% ‘(helemaal) mee eens’ aanvinkte. Ook hier speelt de regio waar de starters wonen een rol. In Noord-Holland, Groningen en Noord-Brabant is ongeveer 20% tevreden, maar in Drenthe geeft net iets meer dan 40% aan nu goed te wonen. Ook in Gelderland, Overijssel, Flevoland, Limburg en Utrecht zijn starters met even meer dan 30% iets tevredener dan het gemiddelde.

Van de starters die in de monitor aangaven nog of weer bij ouders of verzorgers te wonen, zei 92% eigenlijk liever op zichzelf of met anderen te willen wonen. Van deze respondenten had 21% eerder al zelfstandig gewoond. Gevraagd naar de reden waarom ze (weer) thuis wonen, zegt bijna twee derde (63%) dat ze geen (geschikte) andere woning kunnen vinden. Betaalbaarheid is de tweede reden om thuis te blijven of terug te keren: 32% geeft aan wel weg te willen, maar dat een eigen woning of kamer te duur is. Een groep van 20% woont daarnaast nog bij ouders of verzorgers omdat het goedkoop is. Slechts 1,6% woont liever nog niet op zichzelf.

Zoektocht duurt lang en starters verwachten obstakels

De zoektocht van starters duurt vaak lang, zo blijkt uit de monitor. Iets minder dan de helft (48%) zoekt langer dan een jaar, en 13% zelfs drie jaar of langer. Van de 52% die binnen een jaar slaagde, deed 20% er tussen de zes en twaalf maanden over. Slechts 4% gaf aan binnen een maand te zijn geslaagd. Bij die zoektocht maakt het overgrote deel gebruik van sites met woningaanbod: 85% van de aspirant-kopers en 81% van de huurders. Zes op de tien maken daarnaast gebruik van hun persoonlijke netwerk, ongeveer 20% van hun professionele netwerk en rond de 40% zoekt met hulp van de sociale media. Bij koopwoningen maakt bijna de helft verder gebruik van makelaars en hypotheekadviseurs.

Tijdens die zoektocht ervaren of verwachten starters obstakels, vooral op het gebied van beschikbaarheid en betaalbaarheid. Van alle respondenten zegt 62% dat er te weinig geschikte huur- en koophuizen zijn. Bij de aspirant-kopers geeft bijna de helft (46%) aan te zijn overboden of dat te verwachten. Ook ervaart of verwacht 30% oneerlijke (onderhandse of contante) biedingen. Verder zegt 39% geen antwoord te krijgen van makelaars of niet te worden uitgenodigd voor een bezichtiging. Ook aspirant-huurders ervaren of verwachten financiële obstakels. Van hen vindt 47% de vrije sector te duur. Nog eens 37% noemt de inkomenseisen te hoog, en 14% de borg. In de sociale sector is vooral gebrek aan inschrijfduur een belemmering: 39% noemt dat als obstakel.

Starters stellen hun budget en hun woonwensen vaak bij

Schaarste en prijsontwikkeling zorgen er ook voor dat een groot deel van de starters tijdens de zoektocht het budget naar boven bijstelt. Bij de aspirant-kopers is dat 56%, en bij de zoekende huurders 67%.

Bij 41% van de potentiële kopers gaat het om aanpassingen naar boven van 25.000 euro tot zelfs 100.000 euro en meer. Er is met 11% ook een kleine groep kopers die het budget verlaagt, en één op de drie stelt het niet of nauwelijks bij. Bij de aspirant-huurders zijn er met 4% vrijwel geen verlagingen van het budget. Een derde daarentegen stelt naar boven bij met bedragen van 200 euro tot 350 euro en meer per maand. Nog eens een derde wil 50 tot 200 euro meer betalen, en 29% past het huurbudget niet of nauwelijks aan.

Door de situatie op de woningmarkt passen veel starters hun woonwensen aan, zo blijkt tot slot uit de monitor. Dat gebeurt het vaakst in een grote stad, en dan vooral bij starters die een huis in het centrum zoeken. Van hen wijkt uiteindelijk 34% uit naar een andere wijk in dezelfde stad, en 13% zoekt het helemaal buiten de stad. In een kleine stad is de kans om op de gewenste plek iets te vinden met 84% het grootst, gevolgd door ‘andere wijken’ in grote steden met 81%. Starters die een huis in landelijk gebied zoeken, passen hun wens ook vaak aan: 41% gaat elders op zoek. Van de respondenten gaf 26% aan op zoek te zijn naar een appartement, en 42% naar een zelfstandige woning. Voor 16% maakt het type woning niet uit.

Meer over de startersmonitor

De startersmonitor wordt jaarlijks uitgevoerd. Met de gegevens die daarmee worden verzameld willen de initiatiefnemers nog beter inzicht krijgen in de situatie van starters op de woningmarkt. De partijen willen op deze manier ook langdurig aandacht genereren voor de problematiek, starters laten zien dat zij hun problemen herkennen en erkennen, en bijdragen aan een oplossing ervan.

Klik hier voor alle uitkomsten van de eerste startersmonitor.

De startersmonitor is een gezamenlijk initiatief van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties, Huurwoningen.nl, De Hypotheekshop, De Hypotheker, Huispedia, Nationale Hypotheek Garantie (NHG), Nederlandse coöperatieve vereniging van Makelaars en taxateurs (NVM), Pararius, Stimuleringsfonds Volkshuisvesting (SVn) en Vereniging Eigen Huis (VEH).

Gerelateerd nieuws

Lees ook