Wat de nieuwe regering betekent voor huurders in Nederland
Op 23 februari 2026 trad het kabinet-Jetten aan met wonen als een van de topprioriteiten. Het is een minderheidskabinet van D66, VVD en CDA, onder leiding van premier Rob Jetten. Elanor Boekholt-O'Sullivan (D66) is minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, met een ambitie van 100.000 nieuwe woningen per jaar.
De aanpak werkt langs twee sporen: meer bouwen en gerichte aanpassingen aan de huurregulering. Dit is wat er verandert en wat het voor jou betekent.
Meer bouwen
De overheid investeert meer dan één miljard euro per jaar in woningbouw, ondersteund door een Taskforce Versnelling Woningbouw. Het aantal prioritaire bouwlocaties wordt uitgebreid van 21 naar 30, met focus op goed bereikbare steden en groeigemeenten. Verder worden gemeentelijke vergunningsprocedures versneld en komt er meer ruimte om kantoorpanden om te bouwen tot woningen en grote woningen te splitsen.
Eerlijk gezegd: nieuwbouw kost tijd. De krapte op de markt verdwijnt niet van de ene op de andere dag, zeker niet in de Randstad en de regio Eindhoven. Maar de richting is duidelijk.
Aanpassingen aan de Wet betaalbare huur
De strikte huurplafonds uit 2024 beschermden huurders, maar zorgden er ook voor dat veel particuliere verhuurders hun woning verkochten. Om dat te remmen, past de overheid een aantal regels aan.
Ontwikkelaars die vóór 2032 een nieuwbouwproject starten, mogen tot 20 jaar lang een opslag van 10% op de huurprijs rekenen. Dit moet de bouw van nieuwe huurwoningen financieel aantrekkelijker houden.
De begrenzing van het gewicht van de WOZ-waarde in het woningwaarderingsstelsel (WWS) vervalt. In de praktijk betekent dit dat centraal gelegen appartementen in Amsterdam, Utrecht of Den Haag meer punten kunnen scoren, waardoor ze sneller in de vrije sector vallen waar geen huurplafond geldt.
Woningen zonder eigen balkon of tuin krijgen geen minpunten meer, en rijksmonumenten krijgen extra punten vanwege hogere onderhoudskosten.
Voor actieve woningzoekers betekent dit: centraal gelegen appartementen zonder buitenruimte kunnen iets duurder uitvallen dan onder de oude regels. De bedoeling is wel dat er meer huurwoningen op de markt blijven in plaats van dat verhuurders ze verkopen.
Maximale huurverhoging in 2026
Ongeacht de bovenstaande wijzigingen gelden er wettelijke maxima voor huurverhogingen. Welk percentage voor jou geldt, hangt af van het aantal punten van je woning.
Sociale huur en studentenwoningen (tot 143 WWS-punten): maximaal 4,1%, per 1 juli 2026.
Middenhuur (144 tot 186 punten): maximaal 6,1%, per 1 januari 2026.
Vrije sector (187 punten en hoger): maximaal 4,4%, per 1 januari 2026.
Deze maxima gelden voor zittende huurders. Staat er in jouw contract een hoger percentage? Dan geldt het wettelijke maximum, niet wat in het contract staat.
Energielabel
De overheid stelt ook deadlines voor verhuurders op het gebied van energieprestaties. Vanaf 2029 mogen woningen met energielabel E, F of G niet langer worden verhuurd, tenzij ze zijn opgeknapt. Vanaf 2040 geldt minimaal label C.
Bij het zoeken naar een woning is een goed energielabel dus meer dan een detail op de listing. Een slecht label betekent dat een verhuurder vóór 2029 moet investeren, en die onzekerheid kan gevolgen hebben voor de stabiliteit van je huurcontract.
Wat betekent dit voor jou?
De plannen van het kabinet zijn een poging om huurdersbescherming en een aantrekkelijk klimaat voor verhuurders in balans te houden. Voor zittende huurders verandert er weinig: je bescherming blijft intact en de huurverhogingslimieten voor 2026 zijn bevestigd. Voor woningzoekers geldt dat centraal gelegen woningen iets hogere prijzen kunnen hebben, maar dat er op termijn meer aanbod op de markt zou moeten komen.
De markt blijft krap in de grote steden. Zorg dat je documenten op orde zijn, je zoekprofiel actueel is en je alerts aanstaan. En overweeg ook steden buiten de Randstad met een goede treinverbinding: die bieden steeds vaker een reëel alternatief.
Veelgestelde vragen
Wat zijn de belangrijkste doelen van het nieuwe kabinet voor de woningmarkt?
Het kabinet-Jetten richt zich op twee hoofddoelen: het versnellen van de woningbouw met een ambitie van 100.000 nieuwe woningen per jaar, en het aanpassen van de huurregulering om de balans tussen huurdersbescherming en een aantrekkelijk verhuurklimaat te herstellen. Er wordt meer dan één miljard euro per jaar geïnvesteerd in woningbouw en procedures worden versneld.
Welke aanpassingen worden er gedaan aan de Wet betaalbare huur en wat betekent dit voor huurprijzen?
Ontwikkelaars van nieuwbouwprojecten mogen tot 2032 een opslag van 10% op de huurprijs rekenen voor 20 jaar. De begrenzing van de WOZ-waarde in het woningwaarderingsstelsel (WWS) vervalt, waardoor centraal gelegen appartementen sneller in de vrije sector kunnen vallen. Ook krijgen woningen zonder buitenruimte geen minpunten meer en rijksmonumenten extra punten. Dit kan leiden tot iets hogere huurprijzen voor centraal gelegen woningen, maar is bedoeld om meer huurwoningen op de markt te houden.
Wat zijn de maximale huurverhogingen voor 2026?
Voor sociale huur en studentenwoningen (tot 143 WWS-punten) geldt een maximale verhoging van 4,1% per 1 juli 2026. Voor middenhuur (144 tot 186 punten) is dit maximaal 6,1% per 1 januari 2026. Woningen in de vrije sector (187 punten en hoger) mogen maximaal 4,4% in prijs stijgen per 1 januari 2026. Deze maxima gelden voor zittende huurders, ongeacht wat er in het huurcontract staat.
Welke nieuwe regels gelden er voor het energielabel van huurwoningen?
Vanaf 2029 mogen woningen met energielabel E, F of G niet langer worden verhuurd, tenzij ze zijn opgeknapt. Vanaf 2040 geldt een minimale eis van energielabel C. Dit betekent dat een goed energielabel steeds belangrijker wordt bij het zoeken naar een woning, omdat het de stabiliteit van je huurcontract kan beïnvloeden en verhuurders moeten investeren in verduurzaming.