Verhuurderheffing leidt tot hogere huurprijzen en minder woningen
De verhuurderheffing, een belasting die woningcorporaties moeten betalen over hun voorraad sociale huurwoningen, heeft een stijging van de huurprijzen en een daling van het aantal betaalbare huurwoningen tot gevolg. Dit is de conclusie uit een onafhankelijk onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen.
Betaalbaar woningaanbod fors gedaald
Uit het onderzoek blijkt dat niet alleen de corporaties, maar ook de huurder een hoge prijs betaalt voor de verhuurderheffing. Om deze op te kunnen brengen, verhoogden corporaties de huurprijzen. Daarnaast zijn ze huizen gaan verkopen en bouwden ze minder nieuwe sociale huurwoningen.
Door deze maatregelen is het aantal goedkope huurwoningen (met een maximale huur van 410 euro) sinds 2010 met 171.000 (een derde) gedaald, terwijl de vraag naar deze woningen juist toenam. Hoogleraar Maarten Allers, een van de onderzoekers, noemt deze daling ‘schokkend’.
‘Rondpompen van geld’
Woningcorporaties mogen de huren verhogen om de verhuurderheffing te kunnen betalen. Deze hogere huurprijzen leiden tot extra overheidsuitgaven aan huurtoeslag, oftewel: de praktijk is dat huurders aan de ene kant worden belast en aan de andere kant worden gesubsidieerd. De onderzoekers spreken van ‘rondpompen van geld’.
Verhuurderheffing omstreden vanaf invoering
De verhuurderheffing werd in 2013 ingevoerd om het begrotingstekort te verkleinen. De belasting die corporaties betalen brengt jaarlijks zo’n 1,7 miljard euro in de staatskas. De invoering leverde destijds al veel verzet op van de PvdA.
Minister Blok beloofde dat hij de effecten van de belasting dit jaar kritisch onder de loep zou nemen en komt binnenkort met een evaluatie. In de tussentijd lieten de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten), Aedes (de vereniging van woningcorporaties) en de Woonbond een onderzoek uitvoeren door COELO, het onderzoekscentrum van de Rijksuniversiteit Groningen.
‘Schrap verhuurderheffing’
De Woonbond pleitte al eerder voor een afschaffing van de verhuurderheffing, maar ook Aedes roept nu op basis van de onderzoeksresultaten op om deze te schrappen. “Een jaarlijkse belasting van bijna 2 miljard euro betekent dat corporaties op langere termijn tientallen miljarden minder kunnen investeren,” zegt voorzitter Marc Calon. Volgens hem zou het kabinet een korting op de belasting moeten geven aan corporaties die bereid zijn extra woningen te bouwen (en daarmee lange wachttijden aan te pakken). Ook de Tweede Kamer heeft al verzocht om dit soort kortingsmogelijkheden.
De VNG en de Woonbond vinden dat de politiek de gevolgen van de verhuurderheffing onder ogen moet zien. “Voor velen is de huur inmiddels niet meer op te brengen,” aldus Ronald Paping, directeur van de Woonbond. Er zijn meer betaalbare huurwoningen nodig en de heffing gaat dit volgens hem tegen.
Blok: ‘Corporaties hebben voldoende middelen’
Minister Blok stelt echter dat corporaties over genoeg financiële middelen beschikken om de verhuurderheffing op te kunnen brengen. Ze hebben volgens een woordvoerder zelfs meer ruimte om te investeren dan ze in feite doen, omdat ze efficiënter zouden zijn gaan werken en duurdere woningen verkocht hebben. Bij de evaluatie van de verhuurderheffing zal Blok wel reageren op het verzoek om kortingsmogelijkheden op de heffing uit te breiden.
Veelgestelde vragen
Wat is de verhuurderheffing precies?
De verhuurderheffing is een belasting die woningcorporaties moeten betalen over hun voorraad sociale huurwoningen. Deze heffing werd in 2013 ingevoerd om het begrotingstekort te verkleinen en brengt jaarlijks ongeveer 1,7 miljard euro op voor de staatskas.
Welke gevolgen heeft de verhuurderheffing volgens het onderzoek?
Volgens een onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen leidt de verhuurderheffing tot hogere huurprijzen en een daling van het aantal betaalbare huurwoningen. Corporaties verhogen huren, verkopen huizen en bouwen minder nieuwe sociale huurwoningen om de heffing te kunnen betalen. Sinds 2010 is het aantal goedkope huurwoningen (maximaal 410 euro) met een derde gedaald.
Wat wordt bedoeld met het 'rondpompen van geld'?
Het 'rondpompen van geld' verwijst naar de situatie waarin woningcorporaties de huren verhogen om de verhuurderheffing te betalen. Deze hogere huren leiden vervolgens tot extra overheidsuitgaven aan huurtoeslag. Dit betekent dat huurders aan de ene kant worden belast en aan de andere kant weer worden gesubsidieerd door de overheid.
Wat is de positie van organisaties zoals Aedes en de Woonbond ten aanzien van de heffing?
Zowel Aedes (de vereniging van woningcorporaties) als de Woonbond (huurdersorganisatie) pleiten voor het schrappen van de verhuurderheffing. Zij stellen dat de heffing corporaties belemmert in investeringen in nieuwe woningen en bijdraagt aan onbetaalbare huren. Ze roepen de politiek op de negatieve gevolgen onder ogen te zien.
Hoe reageert Minister Blok op de kritiek en de onderzoeksresultaten?
Minister Blok stelt dat woningcorporaties over voldoende financiële middelen beschikken om de verhuurderheffing op te brengen en zelfs meer investeringsruimte hebben dan ze benutten. Hij heeft wel beloofd de effecten van de belasting kritisch te bekijken en zal bij de evaluatie reageren op het verzoek om kortingsmogelijkheden op de heffing uit te breiden.